naar top
Menu
Logo Print
06/06/2019 - PHILIP WILLAERT

“DUURZAAM SCHOOLGEBOUWVRAAGT HYBRIDE ONTWERP”

SINT-LIEVENSPOORT IN GENT TOONT VISIE VAN EVR-ARCHITECTEN

evr-architecten uit Gent beschouwt ecologie en duurzaamheid niet als formele verpakking, wel als een heuse maatschappelijke problematiek. Een school bouw je niet om het even waar en vanwege uiteenlopende pedagogische behoeftes bouw je ook niet om het even wat. De school in de Sint-Lievenspoort in Gent – een project dat evr-architecten samen met Callebaut-architecten en aannemer Van Laere realiseerde – illustreert de visie van het ontwerpbureau. 

EVR-ARCHITECTEN IN EEN NOTENDOP

EVR
evr-architecten telt op vandaag17 medewerkers en 6 vennoten.Vlnr, vbno: ir.-arch. Bart Verstappen, architect-stedenbouwkundige Luc Eeckhout, arch. Jan Van Den Broeke,ir.-arch. Niels Baeck,
arch. Luc Reuse en ir.-arch. Manu Heytens

EVR is het acroniem van drie vennoten. Luc Eeckhout, Jan Van Den Broeke en Luc Reuse waren er de vaandeldragers van, maar intussen zijn er ook nieuwe namen bij gekomen van jonge krachten die het consequente gedachtegoed van het huis uitdragen. Zo sober de naam EVR klinkt, zo eenvoudig is hun kantoor met uitzicht op de Stadshal van Robbrecht en Daem architecten en de historiciteit van de Gentse binnenstad. In een vorig leven was het bureau gevestigd op een binnenschip gelegen aan de Visserij. In het prille stadium van EVR werden vooral woningen verbouwd in de stedelijke context. Achter heel wat historische gevels in Gent schuilen EVR-ingrepen waarvan je aan de buitenkant nauwelijks iets ziet. Er werd in die pioniersdagen in stilte gewerkt aan het stedelijke weefsel. Via de Open Oproep-procedure van de Vlaams Bouwmeester kwamen er kansen om meer omvangrijke projecten te realiseren.

Ir. arch. Niels Baeck: “Vandaag hebben we ons meer en meer gediversifieerd omdat de publieke sector nu eenmaal over minder middelen beschikt. We zijn ons naast de scholenbouw meer gaan toeleggen op kantoren en stadsontwikkeling. Vrijstaande woningen komen in ons ontwerpverhaal echter niet voor.” 

Sint-Lievenspoort
Op de zorgsite Sint-Lievenspoort Gent werd een voormalig kloostergebouw verbouwd, gerestaureerd en heringericht als nieuwe school
Foto: Stijn Bollaert

INTEGRALE DUURZAAMHEID

Vandaag telt evr-architecten 17 medewerkers, waarvan 6 vennoten. Ir. arch. Niels Baeck is er één van, hij volgde het project van de Sint-Lievenspoort op de voet. “Wij werken vanuit een integrale duurzaamheid.” Daarmee wordt een brede visie bedoeld, startend bij het projectproces zelf, over correcte inplanting, beheerste mobiliteit, minimaal energie- en watergebruik, verantwoord materiaalgebruik, maximale flexibiliteit en toegankelijkheid, circulair en veranderingsgericht bouwen, tot en met het anticiperen op een later minimaal beheer. Voor evr-architecten is duurzaamheid allesbehalve beperkend, maar net een bron van inspiratie en zingeving. Het is tegelijk een noodzakelijke én positieve beweging. evr-architecten staat ook mee aan de basis van verschillende duurzaamheidsmeters (objectiverende methodes en ontwerptools) die op dit ogenblik gebruikt worden of op stapel staan in Vlaanderen.

ONTWERPPROCES

“Architectuur is nadenken over de toekomst. Maar wat is de toekomst? Vaak denkt men aan het voortzetten van het heden. Maar we zijn tot het besef gekomen dat er schaarste is en dat we niet beschikken over eindeloze energiebronnen. Schaarste is ook rijkdom, ze leidt namelijk tot reflectie.” In zowat elk project van evr-architecten komt de reflectie dan ook uitgebreid aan bod. Wat de scholenbouw betreft, schreef het bureau – in opdracht van AGION en GO! – een omstandige publicatie over de school van de toekomst. De publicatie ‘Naar een inspirerende leeromgeving – instrument voor een duurzame scholenbouw’ wil voor ontwerpers en schoolbesturen een helpende hand zijn om kwaliteitsvolle en duurzame schoolgebouwen te realiseren. De school van de toekomst zal zich tijdens het ontwerpproces laten leiden door de volgende vragen:
• 1. Wordt de school op een duurzame manier ontworpen en later beheerd?
• 2. Staat de school op de juiste plaats?
• 3. Is de school bereikbaar voor kinderen?
• 4. Krijgt de natuur een kans op de site?
• 5. Kunnen we het waterverbruik en de lozing van afvalwater beperken?
• 6. Hoe kiezen we onze materialen? Wordt afval beperkt?
• 7. Bouwen we een energiezuinige school?
• 8. Bouwen we een comfortabele en prettige leef- en leeromgeving?
• 9. Wordt dit een school met open mogelijkheden en interacties met de brede samenleving?
• 10. Wordt deze school een voorbeeldgebouw?

SPELEN OP HET DAK

Sint-Lievenspoort
Foto: Stijn Bollaert

De dakspeelplaats van de Sint-Lievenspoort is omgeven door neogotische lancet- en spitsbogen. Dankzij deze extra speelplaats wordt de beschikbare buitenruimte optimaal benut. Gezien het afgesloten karakter van deze ruimte kan hier een groep leerlingen afgescheiden van de andere kinderen spelen. Zo voelen zij zich meer geborgen en krijgen ze minder prikkels te verwerken. Opvallend, in het midden van de speelplaats: de dakkoepel van de onderliggende polyvalente zaal. Naast extra daglichttoetreding is het daklicht door zijn bizarre vorm een extra inspirerend speelelement. De kinderen maken hier met hun stoepkrijt en verbeelding dankbaar gebruik van. Het aanpalende groendak vormt een rustige afscheiding en tegelijkertijd een extra groen element in deze stedelijke omgeving.

Sint-Lievenspoort
In de Zonnepoort in Gent is er tussen het hoofd- en het bestaande gebouw een koppelvolume voorzien waarin de eetruimte of polyvalente zaal zich bevindt. De speelplaats is deels vergroend, deels verhard
Foto: Stijn Bollaert

SINT-LIEVENSPOORT

Open en gesloten

Natuurlijk speelt ook het goed bouwheerschap een rol van betekenis. Ook hier wil de eerder geciteerde publicatie van EVR ruimschoots tegemoetkomen. Hoe beter een school zich weet te definiëren, hoe beter het antwoord van de architect. “Voor de Sint-Lievenspoort gaat het niet om een courante school”, getuigt Niels Baeck. De Sint- Lievenspoort in Gent is een bijzonder instituut waar kinderen met gehoor- en spraakstoornissen alsook kinderen met autismespectrumstoornissen terechtkunnen. “De aanpak was hierop gericht en voor ons lag de focus op een beveiligde school. In grote lijnen hebben we de school ‘gesloten’, maar aan de binnenkant volledig opengehouden op zodanige wijze dat het kind zich gemakkelijk in het complex kan oriënteren op de 6.000 m².”

Neogotische bakstenen constructie

De school is van het kloostertype in neogotische stijl, teruggrijpend naar middeleeuwse bouwvormen rond een vierkant kloosterhof. De site bestaat uit een hoeveelheid gebouwen met centraal het voormalige klooster met kapel van de Zusters van Liefde. Het gaat om een neogotische bakstenen constructie uit 1873-1876, naar een ontwerp van Arthur Verhaegen. Vier vleugels gerangschikt rondom een vierkante kloosterhof met volledig omlopende kloostergang; eenbeukige kapel in de zuidoostvleugel met schip van zes traveeën uitlopend op een koor van twee traveeën met driezijdige koorsluiting, voorzien van een slank klokkentorentje midden op het zadeldak. Niels Baeck: “Wat de aanpak betreft, hebben we alle niet-historische elementen geëlimineerd om een zo groot mogelijke openheid te creëren. Bedenk dat men eerst de school wilde afbreken, maar na een haalbaarheidsstudie bleken het gebouw en de hele context toch waardevol.”

HOGE AKOESTISCHE EISEN VOOR KLASLOKALEN

Klaslokalen
Foto: Stijn Bollaert

In klaslokalen is een goede akoestiek altijd van belang, want geluiden hebben een grote impact op het comfort van leerlingen en leerkracht. Bij deze school voor buitengewoon onderwijs gaat het per klas om kleine leerlingenaantallen (gemiddeld 5 à 12 leerlingen), maar zijn de akoestische eisen net veel strikter. Daarom werd er gewerkt met akoestische plafondpanelen, die ook in de bestaande architectuur voldoende geluid kunnen absorberen om een comfortabele omgeving te creëren. Intussen blijkt effectief dat de leerkrachten de leerlingen beter horen en dat de leerlingen meer op hun gemak zijn. Verder zijn alle klassen (zoals in tal van scholen) voorzien van beamers of smartboards.

Aandacht voor circulatie en akoestiek

De polyvalente zaal laat zich kenmerken door geknikte liggers, ze zorgen voor een dynamische aanblik en vormen een uitnodigend architecturaal gebaar. De projectarchitecten hebben het gebouw ‘geactiveerd’ en de dichtgetimmerde aangroei uit de bruine jaren 50 gesloopt en levendig ingekleurd. “De opvallende toepassing van uitgesproken kleuraccenten is bedoeld als oriëntatiepunt voor de leerlingen. De geschiedenis speelt in dit gebouw geen obsessieve rol, maar ruist zachtjes mee op de achtergrond. Wat vooral speelde, is de circulatie en de klasruimtes die in overeenstemming zijn met de nieuwste pedagogische inzichten. Dat met het oog op de slechthorende kinderen de akoestiek een belangrijk punt van aandacht is binnen het concept, ligt voor de hand. Hedendaagse plafondeilanden leveren de gewenste akoestische waarden op.”

Het verleden als kapstok, niet als obsessie

Meer groen en een gevarieerde buitenaanleg dragen eveneens bij aan de aangename ervaring van de schoolomgeving. De ontwerphouding van de architecten vertrekt vanuit de gebruikers, met aandacht voor duurzaamheid en respect voor het historische erfgoed. Dat leidt tot een hybride ontwerphouding die niet a priori voor behoud of herbestemming kiest. Op cruciale momenten in het ontwerp is het patrimonium gerestaureerd en krijgt het een centrale en nieuwe plek in de school. De kloostergangen ontsluiten de klassen, de kapel is herbestemd tot turnzaal en een toneelklas. Elders zijn er heldere hedendaagse aanvullingen aangebracht die aansluiten bij de kloostertypologie. De meest ingenieuze daarvan zijn de polyvalente zaal op de binnenkoer waarvan het dak als buitenspeelplaats dient, en de extra glazen gang die aan de historische gevel hangt en de relatie tussen binnenkoer en kloostervleugel versterkt.

LEARNING AND INNOVATION CENTER, ULB/VUB IN ELSENE

ULB/VUB
Beeld: evr-architecten & A229

evr-architecten werkt ook mee aan het LIC (Learning and Innovation Center) dat de universiteiten ULB en VUB moet verbinden. Het programma is vertaald als een dense en compacte, maar zeer ruimtelijke en opengewerkte stapeling van auditoria, leeromgevingen, formele en informele vergaderplekken, ateliers, bibliotheek en kantoren. Voor de omgevingsaanleg verbindt een ‘rotonde’ alle zachte circulatiestromen op de site en verbindt die het binnen met het buiten. De rotonde laat ook een verdiept plein ontstaan voor het cafetariaterras en het contact met de logistieke oost-westverbinding. De wanden van deze ‘uitholling’ zijn uitgewerkt als een amfitheater voor rust en ontspanning.