Maken geothermiecentrales ons kwetsbaarder voor aardbevingen?
VITO gaat gegevens Balmatt-centrale nader bekijken

Op zondag 23 juni werden de bewoners van Mol en omstreken opgeschrikt door een lichte aardbeving met een kracht van 2,1 op de schaal van Richter. De geïnduceerde aardbeving werd veroorzaakt door de diepegeothermiecentrale in Mol, al lag de centrale op dat moment al twee dagen stil.
Sinds de gedeeltelijke oplevering op 14 mei heeft de diepegeothermiecentrale op de Balmatt-site in totaal 16 dagen gedraaid – goed voor 46% up-time. Op die manier werd er in een relatief korte periode een modus operandus opgesteld waarbij 24/7 groene warmte geproduceerd wordt, die vervolgens aangewend wordt voor het warmtenet dat instaat voor de verwarming van de gebouwen van VITO/SCK/Belgoproces enerzijds en de productie van elektriciteit anderzijds. Bij de huidige operationele parameters en bij een productietemperatuur aan de bovengrond van 121°C produceert de Balmatt-centrale zo’n 4-5 MW, of in totaal zo’n 1,7 GWh.
De redenen voor het stilleggen van de centrale waren problemen met dichtingen in het bovengrondse circuit of externe factoren, zoals een spanningsval op het algemene elektriciteitsnet. Het veiligheidssysteem, ook Traffic Light System of TLS genoemd, moest tijdens het draaien van de centrale nooit in werking treden. Om de aardbeving beter te karakteriseren onderzoeken het projectteam en partners nu de gegevens uit het eigen seismometernetwerk.